-
Uw contactpersoon voor dit onderwerp:
Thomas Hermie
Fiscaal advocaat
-
Contact
- +32 11 29 47 01
- t.hermie@euregio.law
-
Meer publicaties over dit onderwerp:
- E-commerce in België: btw-regelgeving
- Waar staan de EU en België met de modernisering van de btw en e-facturatie?
- EU bereikt akkoord over nieuw ViDa-voorstel voor modernisering btw-stelsel
-
Meer over dit onderwerp:
- BTW
Vanaf 1 januari 2025 wijzigt de btw-vrijstellingsregeling voor de zogenaamde kleine ondernemingen. Vanaf dan wordt deze regeling grensoverschrijdend uitgebreid, van een strikt nationaal beperkte naar een binnen de gehele EU (optioneel) toepasbare vrijstellingsregeling.
Belgische ondernemingen met een beperkte omzet kunnen vanaf dan ook hun activiteiten in andere EU lidstaten vrijgesteld van btw verrichten, en is er geen lokaal btw-nummer en indiening van lokale btw-aangiften vereist. Omgekeerd zullen buitenlandse ondernemingen met vestiging in de EU hun activiteiten in België eveneens zonder aanrekening van Belgische btw kunnen verrichten en dus een btw-registratie in België vermijden. Niet in de EU gevestigde ondernemingen kunnen nog steeds niet genieten van deze vrijstellingsregeling (ook niet in geval van vaste inrichting in een EU lidstaat, dit is niet voldoende).
Belgische vrijstelling tot 31.12.2024
Tot eind 2024 kunnen ondernemingen enkel in de EU-lidstaat in welke zij gevestigd zijn de btw-vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen toepassen. Belgische ondernemingen kunnen handelingen die in principe aan btw onderworpen zijn in België van btw vrijstellen mits hun jaaromzet 25.000 EUR niet overschrijdt. Voor de beoordeling of deze drempel wordt overschreden moet men bovendien met bepaalde van btw vrijgestelde omzetten rekening houden, bv. vrijgestelde onroerende verhuur, vrijgestelde handelingen inzake uitvoer en intracommunautaire leveringen en bepaalde verzekerings- en financiële handelingen.
Mits zij daarvoor geopteerd heeft moet de onderneming geen btw aanreken en dienen geen periodieke btw-aangiften in België te worden ingediend, enkel een jaarlijkse klantenlisting. Logischerwijs kan zij geen btw op haar aankopen in aftrek brengen. Btw-eenheden, bepaalde ondernemingen actief in de vastgoedsector (incl. verhuur), in de horecasector en in de afvalsector kunnen hier bovendien nooit voor opteren.
Vanaf 01.01.2025: EU-vrijstelling mogelijk mits
1. Respecteren dubbele omzetdrempel
Vanaf 2025 kan men dus ook in andere EU-lidstaten dan degene van vestiging genieten van de btw-vrijstelling voor kleine ondernemingen, onder voorwaarde dat men een dubbele jaarlijkse omzetdrempel niet overschrijdt:
- Men blijft onder de lokale drempel in de lidstaat van vestiging (de Europese regels laten een nationale drempel van maximaal 85.000 EUR toe – België heeft dit nationaal op 25.000 EUR vastgelegd, gelijk aan de huidige drempel voor de bestaande nationale vrijstellingsregeling). Voor buitenlandse ondernemingen geldt dezelfde drempel als voor ondernemingen die in het betrokken land gevestigd zijn. Lidstaten kunnen voorzien dat bij een lichte overschrijding van de nationale drempel de vrijstellingsregeling nog tot het einde van het kalenderjaar geldt. België laat toe dat men de regeling tot het einde van het kalenderjaar kan aanhouden bij een maximale overschrijding van 10% van de 25.000 EUR. Overschrijdt men ook deze 10%, dan verliest de onderneming de vrijstellingsregeling onmiddellijk.
- Men blijft daarbovenop onder de globale EU-drempel, die een maximale omzet van 100.000 EUR in de gehele EU toelaat. Hier is geen tolerantie mogelijk. De overschrijding van deze drempel leidt tot een onmiddellijk verlies van de grensoverschrijdende vrijstellingsregeling.
Om de vrijstelling toe te passen in een andere lidstaat, is niet vereist dat men in de lidstaat van vestiging gebruikmaakt van de vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen. Zo kan men in de lidstaat van vestiging onder de normale btw-regeling vallen, maar in het buitenland voor de vrijstellingsregeling opteren. Er moet in het buitenland dus enkel worden rekening gehouden met de hogergenoemde dubbele drempel.
Let wel, deze dubbele drempel geldt dus niet indien men in de lidstaat van vestiging de (reeds bestaande) vrijstelling wil toepassen. Belgische ondernemingen die enkel binnen België van de vrijstelling gebruik willen maken moeten enkel de Belgische omzetdrempel van 25.000 EUR in acht nemen.
2. Voorafgaande kennisgeving
Naast de kennisgeving aan de Belgische btw-administratie om de nationale vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen te activeren, moet men een bijkomende kennisgeving doen om deze in een andere EU-lidstaat toe te passen. Via deze kennisgeving geeft men op in welke EU-lidstaten men de vrijstellingsregeling voor kleine ondernemingen wil toepassen, en moet men bewijzen dat men aan de voorwaarden voldoet. Als gevolg daarvan wordt het Belgische btw-nummer uitgebreid met de toevoeging „EX“ (BE 0123.456.789 EX). Anderzijds moeten buitenlandse onderneming die in België van de vrijstellingsregeling gebruik wil maken, dit ook voorafgaand melden aan de btw-administratie in haar eigen EU-lidstaat van vestiging. De buitenlandse kleine onderneming moet geen Belgisch btw-nummer aanvragen maar wel het achtervoegsel ‘EX’ verkrijgen en gebruiken.
3. Aangiften
Om de regeling in andere EU-landen toe te passen moet men uiterlijk op het einde van de maand volgend op elk kwartaal een btw-aangiften indienen, in deze men de omzet in België en in elke andere EU-lidstaat rapporteert (ook elke “nihil” omzet). Doet men dit niet, vervalt in principe de toepassing van de grensoverschrijdende EU-vrijstellingsregeling.
Belgische kleine ondernemingen moeten ook nog steeds een jaarlijkse klantenlijst indienen. Vanaf 2025 moet deze jaarlijkse klantenlijst bovendien de gehele omzet bevatten, dus niet enkel de verkopen aan klanten met een btw-nummer.
Heeft u vragen?
Heeft u vragen over btw in België? Neem gerust contact op met onze fiscaal advocaat Thomas Hermie. Per e-mail naar t.hermie@euregio.law of telefonisch op +32 11 29 47 00.