-
Uw contactpersoon voor dit onderwerp:
Marco Wirtz
Advocaat
-
Contact
- +32 11 29 47 01
- m.wirtz@euregio.law
-
Meer publicaties over dit onderwerp:
- E-commerce in België: btw-regelgeving
-
Meer over dit onderwerp:
- Distributie & Contracten
- Handelsrecht
Vaak worden eindproducten (bv. machines) geproduceerd met onderdelen die worden geleverd door een buitenlandse leverancier. Dergelijke leveranciers voorzien hun algemene voorwaarden meestal van een eigendomsvoorbehoud zodat zij beschermd zijn tegen wanbetalers. Door het eigendomsvoorbehoud wordt de eigendomsoverdracht namelijk uitgesteld totdat de volledige koopprijs is betaald. Dit zorgt ervoor dat de leverancier het geleverde goed kan revindiceren indien betaling door de klant uitblijft. Het eigendomsvoorbehoud vormt dan ook een belangrijk beschermingsmechanisme in het handelsverkeer.
Maar hoe zit het nu met uw eigendomsvoorbehoud indien u buitenlands cliënteel heeft en goederen levert over de grenzen heen? Houdt uw eigendomsvoorbehoud dan nog stand?
1. Algemeen
Een eigendomsvoorbehoud is een overeenkomst tussen de verkoper en de koper van een roerende zaak waarbij de eigendom van de zaak bij de verkoper blijft totdat de koopprijs volledig is betaald, ondanks de levering aan de koper. De verkoper kan dus de teruggave van de goederen eisen als de koper de aankoopprijs niet betaalt.
Zowel Nederland als België kennen het eigendomsvoorbehoud. Het verschil zit echter in de mogelijke reikwijdte van het eigendomsvoorbehoud.
Naast het ‘gewone’ eigendomsvoorbehoud (de leverancier kan de geleverde motor terugvorderen als de klant de motor niet betaalt), zijn er namelijk nog twee andere vormen van het eigendomsvoorbehoud.
- Enerzijds is er het ‘verlengd’ eigendomsvoorbehoud, waarbij het eigendomsvoorbehoud wordt verlengd tot producten (machine) die met het geleverde goed (motor) worden vervaardigd. Indien de klant de motor niet betaalt en de motor reeds is verwerkt in een machine, kan de leverancier aanspraak maken op eigendom van de machine.
- Anderzijds is er het ‘uitgebreid’ eigendomsvoorbehoud, waarbij het eigendomsvoorbehoud niet beperkt blijft tot vorderingen die uit het geleverde goed voortvloeien (betaling van de koopprijs van de motor), maar wordt uitgebreid tot andere vorderingen tussen de partijen. Voorbeeld: zelfs indien de klant de apart geleverde remmen niet betaalt, kan de leverancier aanspraak maken op eigendom van de geleverde motor.
Afhankelijk van het recht dat van toepassing is op de relatie tussen de partijen, kan het eigendomsvoorbehoud in bepaalde situaties wel of niet worden ingeroepen. Als u grensoverschrijdend goederen levert, is het daarom belangrijk om rekening te houden met deze verschillen bij het opstellen van uw contract of algemene voorwaarden.
Volgens het Belgische recht vindt de eigendomsoverdracht al plaats bij het sluiten van de koopovereenkomst. Het enige dat vereist is, is dat er een overeenkomst is over de goederen en de prijs van de goederen of, in het geval van een verkoop van generieke goederen, dat de goederen zijn gespecificeerd. Zodra de koopovereenkomst is gesloten, behoort het voorwerp van de aankoop niet langer tot het vermogen van de verkoper. De eigendomsoverdracht kan echter afhankelijk worden gemaakt van voorwaarden zoals eigendomsvoorbehoud.
2. Vorm
Het eigendomsvoorbehoud moet uiterlijk bij de levering van de goederen schriftelijk worden overeengekomen. Dit kan bijvoorbeeld worden opgenomen in de algemene voorwaarden. Een handtekening van de koper is niet vereist, stilzwijgende toestemming is voldoende. Alleen als met een consument een eigendomsvoorbehoud wordt overeengekomen, moet de toestemming van de consument uitdrukkelijk blijken uit een schriftelijk document, bijvoorbeeld uit zijn of haar handtekening.
Het eigendomsvoorbehoud moet niet worden geregistreerd om tegenwerpelijk te zijn ten opzichte van derden, tenzij de voorbehouden goederen geïncorporeerd worden in een onroerend goed. Alleen in dit laatste geval is een inschrijving vereist om het eigendomsvoorbehoud te handhaven.
3. Toepassingsgebied
De Pandwet heeft het eigendomsvoorbehoud uitgebreid in die zin dat het eigendomsvoorbehoud van kracht is
- ongeacht of het recht van de verkoper concurreert met een andere schuldeiser van de koper,
- ongeacht de juridische aard van het contract waarin het eigendomsvoorbehoud is opgenomen, en
- ongeacht of het goed in natura aanwezig is.
3.1 Uitoefening van eigendomsvoorbehoud in geval van concurrentie met andere schuldeisers
Oorspronkelijk stond het eigendomsvoorbehoud alleen in artikel 101 van de Faillissementswet, zodat het Hof van Cassatie ervan uitging dat het eigendomsvoorbehoud alleen in een faillissementsprocedure kon worden ingeroepen. Artikel 101 van de Faillissementswet is sindsdien echter ingetrokken en de bepalingen inzake eigendomsvoorbehoud zijn opgenomen in het Burgerlijk Wetboek (BW). Hierdoor heeft het eigendomsvoorbehoud nu een algemene strekking gekregen en kan het in alle gevallen van samenloop worden ingeroepen, bijvoorbeeld als er beslag wordt gelegd op de geleverde goederen.
3.2 De juridische aard van het onderliggende contract is niet relevant
De oude regeling was gebaseerd op de veronderstelling dat het eigendomsvoorbehoud alleen kon worden overeengekomen in een koopovereenkomst, wat leidde tot aanzienlijke rechtsonzekerheid in het geval van gemengde overeenkomsten (dienst + levering van goederen). Deze rechtsonzekerheid is nu weggenomen, aangezien artikel 69 van de Pandwet bepaalt dat de bepalingen over eigendomsvoorbehoud van toepassing zijn „ongeacht de juridische aard van de overeenkomst“. Bijgevolg is het eigendomsvoorbehoud uitgebreid tot alle soorten wederkerige overeenkomsten die betrekking hebben op een levering.
3.3 Gevolgen van bewerking, wederverkoop, vermenging of incorporatie
Met de inwerkingtreding van de Pandwet voorziet het Belgische recht nu in een verlengd eigendomsvoorbehoud. Dit in tegenstelling tot het Nederlandse recht, dat niet voorziet in de mogelijkheid om een verlengd eigendomsvoorbehoud te bedingen.
In geval van wederverkoop gaat het eigendomsvoorbehoud over op de vordering die in de plaats komt, voor zover deze identificeerbaar is (artikel 9 en 70 van de Pandwet). De derde-verkrijger te goeder trouw wordt beschermd door artikel 3.28 van het Burgerlijk Wetboek, waarbij de goede trouw van deze derde-verkrijger wordt vermoed overeenkomstig artikel 3.22 van het Burgerlijk Wetboek.
Ook bij vermenging van goederen blijft het eigendomsvoorbehoud bestaan, zelfs indien ze niet meer identificeerbaar zijn (artikel 20 en 70 van de Pandwet).
In geval van bewerking van de goederen (motor) door de koper gaat het eigendomsvoorbehoud over op het daaruit voortkomende product (machine) (artikel 18 en 70 van de Pandwet). Bij niet-betaling van de koopprijs voor de geleverde motor kan de leverancier zich beroepen op zijn eigendomsvoorbehoud op de machine. Indien echter goederen van de koper of van derden worden verbonden met de goederen van de verkoper onder eigendomsvoorbehoud, gaat het eigendomsvoorbehoud op de nieuw ontstane goederen slechts over voor zover de goederen van de verkoper onder eigendomsvoorbehoud de grootste waarde hebben.
Ten slotte blijft het eigendomsvoorbehoud ook bestaan wanneer de voorbehouden goederen door incorporatie een onroerend goed worden, voor zover het eigendomsvoorbehoud in het pandregister is ingeschreven (artikel 70 en 71 van de Pandwet).
3.4 Geen uitgebreid eigendomsvoorbehoud
Onder Belgisch recht kan u daarentegen geen uitgebreid eigendomsvoorbehoud overeenkomen, hetgeen onder Nederlands recht in beperkte mate wel mogelijk is. Het eigendomsvoorbehoud zal dus enkel kunnen dienen tot zekerheid van de betaling van de koopprijs van het specifieke goed waar het eigendomsvoorbehoud betrekking op heeft (motor) en niet op andere vorderingen tussen de partijen. Conform Belgisch recht kan men zo bv. niet overeenkomen dat de eigendom van de geleverde motor kan worden teruggevorderd indien een andere levering (remmen) niet wordt betaald.
4. Uitoefening van eigendomsvoorbehoud in insolventieprocedures
Het recht van de verkoper onder voorbehoud om de goederen die zich in het bezit van de schuldenaar bevinden terug te vorderen, wordt door een faillissementsprocedure niet aangetast. Als u echter in het kader van een faillissementsprocedure een beroep wil doen op het eigendomsvoorbehoud, is het belangrijk dit tijdig te melden. Overeenkomstig artikel XX.194 van het Wetboek Economisch Recht is de vordering tot teruggave aan een strikte termijn gebonden en moet de verkoper zijn vordering tot teruggave in de faillissementsprocedure uiterlijk op de dag vóór de neerlegging van het eerste proces-verbaal ter verificatie van de vorderingen doen gelden. Deze dag wordt overeenkomstig artikel XX.104 van het Wetboek Economisch Recht vastgesteld in de beschikking tot opening van het faillissement en ligt in de regel tussen 5 en 30 dagen na het verstrijken van de termijn voor het indienen van schuldvorderingen, die op haar beurt in principe maximaal 30 dagen bedraagt vanaf de faillietverklaring. Bovendien heeft de wetgever verduidelijkt dat het voor het geldend maken van de vordering voldoende is dat de schuldeiser zijn voornemen om zich op het eigendomsvoorbehoud te beroepen, vóór het verstrijken van de genoemde termijn uitdrukkelijk aan de curator heeft meegedeeld.
Heeft u vragen?
Heeft u vragen over het eigendomsvoorbehoud in België? Neem gerust contact op met Marco Wirtz, per e-mail naar m.wirtz@euregio.law of telefonisch op +32 11 29 47 00.